|
|
PvdA wil
niet van spaarloon af |
20.06.2006
De PvdA wil dat de huidige spaarloonregeling ook in de
toekomst mogelijk blijft. Daarnaast wil de PvdA dat de
levensloopregeling verbeterd wordt, zodat ook mensen met
lagere inkomens kunnen sparen voor verlof en scholing.
De spaarloonregeling is in korte tijd enorm succesvol
geworden. Dat kan niet gezegd worden van de
levensloopregeling. Nog maar 5 % van de werknemers maakt
gebruik van de levensloopregeling. Dat ligt voor een
belangrijk deel aan de regeling. Hij is vooral lucratief
voor mensen met hoge inkomens. De PvdA wil leren van de
populariteit van de spaarloonregeling. De PvdA wil op 3
punten aanpassingen van de levensloopregeling:
- de regeling moet toegankelijker worden voor lage
inkomens om te sparen;
- de regeling moet het sparen voor scholing en
zorgverlof aantrekkelijker maken;
- ook zelfstandigen moeten recht krijgen op
levensloopsparen.
De PvdA wil dat de spaarloon en levensloopregeling wel
meer op elkaar afgestemd worden. Dat kan bijvoorbeeld
door het mogelijk te maken spaarloon te combineren met
de levensloopregeling. |
Toespraak van
minister mr. A.J. de Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
bij het seminar Levensloop van ABN-AMRO op 14 september 2005 in
Amsterdam.
Voor u staat een gelukkig man. Afgelopen
vrijdag hebben we in het kabinet besloten dat de
levensloopregeling per 1 januari doorgaat. Ik kan u verklappen
dat we binnen het kabinet de nodige zorgen hebben gehad of het
allemaal wel zou lukken, of het allemaal haalbaar zou zijn. Maar
ja dus. Het gaat door.
Ik hoop vervolgens met u zaken te kunnen doen. Wij hebben de
contouren, randvoorwaarden en de wettelijke bepalingen rond
levensloop vastgelegd. Maar voor de daadwerkelijke uitvoering is
nu de beurt aan u: financiële dienstverleners, ondernemers,
human resourcesmanagers, CAO-partners aan de
onderhandelingstafel. Aan u de schone taak afspraken te maken,
producten aan te bieden en: dat er maar een mooie markt mag
groeien.
De levensloopregeling. Ik kan u verzekeren: Het is een
blijvertje. Passend in een moderne tijd. Passend bij
keuzevrijheid en eigen verantwoordelijkheid. Maar ook een
noodzakelijk instrument. Om mensen zo lang mogelijk aan het werk
te houden.
Voor een goede combinatie van werk, zorg en scholing. Voor de
nodige momenten van rust, bezinning en ontspanning in ieders
loopbaan. Om tegemoet te komen aan de drukte in het spitsuur van
het leven.
Hoe gaan we dat doen? Deelnemen aan de levensloopregeling wordt
een recht van alle werknemers. Elke werknemer kan 12 procent van
zijn bruto-jaarinkomen sparen. De werkgever kan daaraan
bijdragen. In totaal kunnen er ruim twee bruto-jaarsalarissen
worden gespaard. Voor tussentijds verlof of verlof aan het einde
van de loopbaan. Na het opnemen van het tegoed of een deel
daarvan kan weer verder worden gespaard tot het maximum van 210
procent van het jaarsalaris. Ook kunnen, al naar gelang de
afspraken, ADV- en vakantiedagen in geld worden omgezet en
gespaard.
Bij een opname van hun tegoed krijgen werknemers recht op een
belastingkorting. Ouders die gebruik maken van hun recht op
ouderschapsverlof en dat jaar deelnemen in de
levensloopregeling, komen in aanmerking voor een extra
belastingkorting van de helft van het minimumloon. Dat komt neer
op een kleine 30 euro per verlofdag.
Zie hier in het kort de regeling.
Ik heb u zojuist geschetst waarom ik denk dat de
levensloopregeling een blijvertje is. Dat het er mij om gaat dat
werknemers gedurende hun hele loopbaan ervoor kunnen kiezen hun
werk af te wisselen met perioden van zorg, studie of
ontspanning. Perioden van rust die kunnen voorkomen dat
werknemers burned out raken, arbeidsongeschikt of werkloos
worden. En die ervoor kunnen zorgen dat zij langer en met
plezier blijven werken. Het kabinet wil werknemers daarbij
fiscaal ondersteunen.
Ik noem dat betrokken voorzorg. Ons stelsel van sociale
zekerheid bouwen we geleidelijk om van geïnstitutionaliseerde
nazorg naar betrokken voorzorg.
Dat vraagt om enige uitleg. Bij de draai van nazorg naar
voorzorg staat niet langer de uitkering centraal, maar het
voorkomen van arbeidsongeschiktheid of werkloosheid. We doen dit
bijvoorbeeld door de langere loondoorbetalingsplicht bij ziekte.
Daarmee prikkel je werkgevers sterker ziekte of
arbeidsongeschiktheid te voorkomen. Maar ook werknemers zelf
kunnen veel doen. Bijvoorbeeld door te blijven werken aan hun
inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. Werkloosheid valt immers beter
te voorkomen wanneer iemand zich tijdig bijschoolt.
In een modern stelsel van sociale zekerheid is het
vanzelfsprekend dat mensen er alles aan doen om aan de slag te
komen of te blijven. Alleen dan lukt het de kosten van de
sociale zekerheid op de langere termijn in de hand te houden. En
bieden we mensen met een uitkering weer perspectief op een
volwaardige rol in de samenleving. Want werk loont niet alleen,
werk betekent ook: een inkomen, collega’s, contacten met
anderen, kansen op scholing en kansen om verder te komen.
Tegelijkertijd moet er in een modern stelsel van sociale
zekerheid solidariteit blijven bestaan met mensen die het echt
niet lukt om aan het werk te gaan. Zij blijven recht houden op
een goede uitkering. En dat is wat ik bedoel als ik zeg van
nazorg naar voorzorg. Naar een sociaalzekerheidsstelsel van
individuele verantwoordelijkheid en betrokkenheid van de
overheid. En daarin past de levensloopregeling.
Het gaat dus om vooruitkijken en zorgvuldig omgaan met talent en
gezondheid.Om keuzevrijheid, om recht te doen aan variatie in
leef- en werkpatronen.
Met de levensloopregeling voegen we individuele elementen toe
aan het stelsel van tot nu toe vrijwel alleen maar collectieve
regelingen. Maken we het mogelijk dat individueel wordt gespaard
voor die perioden in het leven waarin extra tijd nodig is en een
financieel extraatje om die tijd te betalen. Meer financiële
verantwoordelijkheid scherpt mensen bij het maken van
individuele keuzes en vermindert de risico's voor de overheid.
Een aanpak die overigens vorige week bijval kreeg van de OESO.
Met, ik geef toe, ook een waarschuwing. Namelijk dat we ervoor
moeten waken dat de regeling niet massaal wordt ingezet voor
vervroegd uittreden. Terecht. Maar ik ben er niet zo bang voor.
Ik geef toe. Er zit wat tegenstrijdigs in. Enerzijds willen we
meer mensen zo lang mogelijk op de arbeidsmarkt houden en
anderzijds bieden we nog altijd de mogelijkheid te sparen om
eerder op te houden met werken. Die keuzevrijheid is het
resultaat van een compromis. Maar is ook een overgang. De
faciliteit in de levensloopregeling om je verlof ook aan het
eind van de loopbaan op te nemen, biedt een mogelijkheid te
wennen aan het perspectief van langer doorwerken voor een
generatie die VUT- en prepensioen verwacht.
Ik verwacht dat de huidige generatie vijftigers de
levensloopregeling nog zal gebruiken om straks eerder uit te
treden. Maar die groep wordt steeds kleiner. In de toekomst zal
het gebruikelijk zijn om er tijdens de loopbaan een poosje
tussenuit te gaan. Vooral jonge mensen zullen de
levensloopregeling veel breder kunnen en willen gebruiken en
veel meer willen inpassen in hun loopbaan.
De vormgeving van de regeling wordt voor een groot deel bepaald
in het CAO-overleg. In een tussentijds overzicht van CAO's die
sinds 1 januari 2005 zijn afgesloten, zien we dat van de 64
CAO's er in twintig akkoorden al afspraken over levensloop zijn
gemaakt. Daarbij is in negen gevallen een werkgeversbijdrage
vastgelegd. Variërend van 0,8 procent van de loonruimte bij het
Rijk tot 3,5 procent bij uw collega ING. Ik heb begrepen dat
ABN-AMRO - en nog 18 andere CAO's - in een studiefase zit. Maar
dat kan niet anders dan een heel mooie regeling worden waar, wie
weet, ook nog een voorbeeldwerking van uitgaat. Ik verwacht
overigens dat er heel mooie levensloopproducten op de markt
komen. Dat moet ook wel, want vormgeving en uitvoering zijn
belangrijk voor het welslagen van de regeling. Ik neem aan dat u
er als de kippen bij bent. Levensloop is een nieuw segment op de
markt van financiële dienstverlening. Tijd om zaken te doen.
Overbodig te zeggen: houd de CAO-onderhandelingen in de gaten!
Er moet nog wel het één en ander gebeuren voor het product klaar
voor gebruik is. Ik ben de eerste om toe te geven dat nog lang
niet iedereen zo ver is. En dan kijk ik niet alleen naar u. Ook
wij als overheid moeten aan de slag. Bekendheid geven aan de
regeling.
U kent het spreekwoord 'onbekend maakt onbemind'. We gaan op 1
oktober met een multimediale voorlichtingscampagne van start.
Met voorlichting aan werkgevers, werknemers en hun
intermediairs. Met speciale aandacht voor jongeren en werkgevers
in het MKB. Via de media en Internet. Met een interactief
rekeninstrument op het web kan straks iedereen voor zichzelf
uitrekenen wat de levensloopregeling oplevert. Je kunt
bijvoorbeeld je maandelijkse inzet uitrekenen als je er over
tien jaar één jaar tussenuit wilt. Maar ook wat het oplevert aan
verlof als je maandelijks € 100 spaart. Stel dat Wouter Bos,
zijn tweede kind wordt in januari verwacht, na de verkiezingen
van 2007 een time-out wil om meer tijd voor zijn gezin te
hebben. Hoeveel moet hij dan vanaf 1 januari opzij gaan leggen?
Ik zal u een voorbeeld geven: een werknemer, 25 jaar, verdient
op 1 januari 2006 € 2.000 bruto per maand. De werknemer besluit
aan de levensloopregeling deel te nemen en legt €100 per maand
in uit zijn bruto salaris. De werknemer kan dan bijvoorbeeld na
vijf jaar sparen al een periode van ruim drie maanden verlof
financieren tegen 100% van het laatstverdiende bruto salaris.
Mooie gelegenheid voor wat extra tijd na de geboorte van de
eerste!
Wellicht oogt de regeling ingewikkeld, misschien ook omdat we op
elke vraag een antwoord hebben willen geven. Daarom hoop ik dat
u de vormgeving zo gebruikersvriendelijk mogelijk maakt.
Wat het ook ingewikkeld maakt is de verplichte keuze tussen
spaarloon en levensloopregeling. Je kunt niet tegelijkertijd in
beide regelingen inleggen.
Het spaarloon heeft zeker zijn nut gehad. Een conjunctuurproduct
dat is ingezet toen de economie oververhit dreigde te raken. Een
middel om destijds exorbitante loonstijgingen te dempen. Nu is
het andersom. Met de deblokkering van de spaartegoeden hopen we
op een extra bestedingsimpuls.
Levensloop echter speelt veel meer in op maatschappelijk
structurele vragen. Is ook een stuk duurzamer dan spaarloon.
Levensloop zal spaarloon inhalen, verwacht ik. Volgend jaar een
bescheiden start, maar er is geen twijfel over mogelijk dat over
tien jaar de levensloopregeling een stevig onderdeel van ons
sociaalzekerheidsstelsel zal zijn. Waarin het spaarloon dan is
geïntegreerd.
Dames en heren, ik begon met te zeggen dat hier een gelukkig man
staat.
De levensloopregeling kan van start. Met u: werkgevers,
HR-managers, de onderhandelaars aan de CAO-tafel om levensloop
handen en voeten te geven.
Met u: banken, verzekeraars, pensioenfondsen die de gelden gaan
beheren.
Voor u: beter een time-out dan een burn out. Ik dank u wel. |